hash
hash
hæʃ
hāsh
/hˈæʃ/

Definitie en betekenis van "hash"in het Engels

01

hash, pittig gerecht van gekookte aardappelen en vlees dat gehakt en gemengd is

a spicy dish of cooked potatoes and meat that have chopped and mixed together
hash definition and meaning
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
hashes
to hash
01

hakken, versnipperen

chop up
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
hash
3e persoon enkelvoud
hashes
onvoltooid deelwoord
hashing
onvoltooid verleden tijd
hashed
voltooid deelwoord
hashed
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store