Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to fade out
[phrase form: fade]
01
vervagen, geleidelijk aan kracht of intensiteit verliezen
to gradually lose strength or intensity
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
out
basiswerkwoord
fade
tegenwoordige tijd
fade out
3e persoon enkelvoud
fades out
onvoltooid deelwoord
fading out
onvoltooid verleden tijd
faded out
voltooid deelwoord
faded out
Voorbeelden
The echoes of laughter slowly faded out as the comedy show concluded, leaving a sense of contentment in the audience.
De echo's van het lachen vervaagden langzaam toen de comedyshow eindigde, wat een gevoel van tevredenheid bij het publiek achterliet.
02
vervagen, uitdoven
(particularly applied to images, scenes, or sounds) to gradually become less visible or audible
Voorbeelden
The photographer skillfully allowed the image to fade out at the edges, creating a soft and dreamy effect.
De fotograaf liet het beeld vaardig aan de randen vervagen, wat een zacht en dromerig effect creëerde.



























