dag
dag
dæg
dāg
/dˈæɡ/

Definitie en betekenis van "dag"in het Engels

01

vreemde vogel, excentriekeling

(Australia and New Zealand) someone who is unfashionable, socially awkward, or eccentric
dag definition and meaning
Slang
Voorbeelden
My little brother is a complete dag, always telling terrible dad jokes and wearing socks with sandals.
Mijn kleine broer is een complete vreemde vogel, vertelt altijd vreselijke vadergrappen en draagt sokken met sandalen.
02

lappet, hangertje

a flap along the edge of a garment; used in medieval clothing
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
dags
03

decagram, tien gram

10 grams
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store