Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to culminate
01
culmineren, eindigen
to end by coming to a climactic point
Intransitive: to culminate in an outcome
formeel
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
culminate
3e persoon enkelvoud
culminates
onvoltooid deelwoord
culminating
onvoltooid verleden tijd
culminated
voltooid deelwoord
culminated
Voorbeelden
Their efforts culminate in a successful outcome.
Hun inspanningen culmineren in een succesvol resultaat.
formeel
Voorbeelden
The grand finale of the play culminated months of rehearsals and hard work by the entire cast and crew.
Het grandioze einde van het stuk culmineerde in maanden van repetities en hard werken door de hele cast en crew.
03
culmineren, het hoogtepunt bereiken
to reach or create the highest point or peak of something
Intransitive
Voorbeelden
The mountain culminates at 12,000 feet, offering breathtaking views from the top.
De berg bereikt zijn hoogtepunt op 12.000 voet en biedt adembenemende uitzichten vanaf de top.
04
culmineren, het hoogtepunt bereiken
(of a celestial body) to reach its highest point in the sky
Intransitive: to culminate | to culminate point in time
Voorbeelden
The star culminated at midnight, reaching its highest point in the sky.
De ster culmineerde om middernacht en bereikte zijn hoogste punt in de lucht.
Lexicale Boom
culmination
culminate



























