Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
coasts
Voorbeelden
The rocky coast was a popular spot for birdwatchers.
De rotsachtige kust was een populaire plek voor vogelaars.
02
glijden, rijden zonder inspanning
the action or instance of moving smoothly along a surface while maintaining contact, typically with little or no effort
Voorbeelden
The sled had a fast coast over the packed snow.
De slee had een snelle rit over de aangestampte sneeuw.
03
helling, afdaling
a slope or incline suitable for sledding or gliding
Voorbeelden
After climbing to the top, they enjoyed a long glide down the coast.
Na de klim naar de top genoten ze van een lange glijpartij langs de helling.
to coast
01
moeiteloos vooruitgaan, zich laten meedrijven
to progress or succeed with minimal effort
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
coast
3e persoon enkelvoud
coasts
onvoltooid deelwoord
coasting
onvoltooid verleden tijd
coasted
voltooid deelwoord
coasted
Voorbeelden
He 's coasting at work, letting others handle the challenging tasks.
Hij werkt op zijn gemak op het werk, en laat anderen de uitdagende taken afhandelen.
02
glijden, zonder te trappen naar beneden gaan
to move effortlessly, often downhill, without using power
Voorbeelden
With the engine off, the boat coasted gently on the calm water.
Met de motor uit gleed de boot zachtjes over het kalme water.
Lexicale Boom
coastal
coaster
coast



























