cake
Pronunciation
/keɪk/

Definitie en betekenis van "cake"in het Engels

01

taart

a sweet food we make by mixing flour, butter or oil, sugar, eggs and other ingredients, then baking it in an oven
cake definition and meaning
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
cakes
Voorbeelden
I baked a chocolate cake for my friend's birthday.
Ik heb een chocoladetaart gebakken voor de verjaardag van mijn vriend.
02

blok, staaf

a block of solid substance (such as soap or wax)
cake definition and meaning
03

pannenkoekje, flensje

small flat mass of chopped food
cake definition and meaning
04

kont, billen

a person's buttocks, also used in plural
slang
Voorbeelden
Do n't sit on your cakes in those wet pants!
Ga niet op je taarten zitten in die natte broek!
05

poen, geld

money or earnings, often used to emphasize financial gain or profit
slang
Voorbeelden
They 're stacking cake from their side hustle.
Ze stapelen cake van hun bijbaantje.
to cake
01

bedekken, coaten

form a coat over
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
cake
3e persoon enkelvoud
cakes
onvoltooid deelwoord
caking
onvoltooid verleden tijd
caked
voltooid deelwoord
caked
01

een makkie, kinderspel

very easy to do or accomplish
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
samenstelling
kwalitatief
overtreffende trap
most cake
vergrotende trap
more cake
gradueerbaar
Voorbeelden
That job interview was a cake; I knew all the answers.
Dat sollicitatiegesprek was een makkie; ik wist alle antwoorden.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store