Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to break apart
01
uit elkaar vallen, breken
to fall into pieces or separate
Voorbeelden
Their friendship began to break apart after they moved away.
Hun vriendschap begon uiteen te vallen nadat ze verhuisden.
02
breken, stukslaan
break violently or noisily; smash
03
uit elkaar halen, demonteren
take apart into its constituent pieces



























