Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to rest with
[phrase form: rest]
01
berusten bij, liggen bij
to be someone's duty or job to carry out or allow something to happen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
toestandswerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
with
basiswerkwoord
rest
tegenwoordige tijd
rest with
3e persoon enkelvoud
rests with
onvoltooid deelwoord
resting with
onvoltooid verleden tijd
rested with
voltooid deelwoord
rested with
Voorbeelden
As team leader, it rests with Sarah to assign tasks and oversee the project's progress.
Als teamleider rust het op Sarah om taken toe te wijzen en de voortgang van het project te overzien.



























