Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to book in
[phrase form: book]
01
boeken, inchecken
to secure a place to stay, typically in a hotel
Voorbeelden
They booked the family in for a week-long vacation.
Ze hebben het gezin ingecheckt voor een weekje vakantie.
02
boeken, een afspraak maken
to reserve a spot or appointment for a specific time
Voorbeelden
He booked in the appointment for a haircut.
Hij heeft een afspraak ingeboekt voor een knipbeurt.



























