Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to go before
[phrase form: go]
01
voorgelegd worden aan, ter beoordeling komen bij
to be formally presented for discussion or judgment by a person or authority
Transitive: to go before a person or organization in authority
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
before
basiswerkwoord
go
tegenwoordige tijd
go before
3e persoon enkelvoud
goes before
onvoltooid deelwoord
going before
onvoltooid verleden tijd
went before
voltooid deelwoord
gone before
Voorbeelden
Their request went before the committee for consideration.
Hun verzoek werd voorgelegd aan de commissie voor overweging.
02
voorafgaan, eerder bestaan
to exist or occur in an earlier period of time
Transitive: to go before an event or era
Voorbeelden
The new technology is more advanced than anything that has gone before.
De nieuwe technologie is geavanceerder dan alles wat eerder bestond.



























