Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
blithe
01
onbezorgd, lichtvaardig
acting in a careless way without much thought about consequences
Voorbeelden
His blithe attitude toward his schoolwork showed a lack of concern for his education.
Zijn onbezorgde houding ten opzichte van zijn schoolwerk toonde een gebrek aan zorg voor zijn opleiding.
02
onbekommerd, vrolijk
appearing cheerfully untroubled by problems or difficulties
Voorbeelden
His blithe personality made him seem perpetually cheerful, as if no trouble could dampen his mood.
Zijn onbezorgde persoonlijkheid maakte dat hij altijd vrolijk leek, alsof geen enkel probleem zijn stemming kon bederven.
Lexicale Boom
blithely
blitheness
blithe



























