Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to tolerate
01
tolereren, verdragen
to allow something one dislikes, especially certain behavior or conditions, without interference or complaint
Transitive: to tolerate a behavior or condition
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
toestandswerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
tolerate
3e persoon enkelvoud
tolerates
onvoltooid deelwoord
tolerating
onvoltooid verleden tijd
tolerated
voltooid deelwoord
tolerated
Voorbeelden
She tolerates the inconveniences of public transportation without complaining.
Ze verdraagt de ongemakken van het openbaar vervoer zonder te klagen.
02
tolereren, verdragen
to not oppose or prohibit something one does not like or agree with
Transitive: to tolerate sth
Voorbeelden
The principal explained that the school would not tolerate bullying in any form, emphasizing a zero-tolerance policy.
De directeur legde uit dat de school pesten in geen enkele vorm zou tolereren, en benadrukte een nultolerantiebeleid.
03
verdragen, tolereren
to endure exposure to a substance or condition without harmful effects
Transitive: to tolerate a substance or condition
Voorbeelden
Some plants can tolerate extreme heat and still thrive.
Sommige planten kunnen extreme hitte verdragen en toch gedijen.
04
tolereren, verdragen
to accept and allow the existence of beliefs or practices different from one’s own without necessarily agreeing with them
Transitive: to tolerate beliefs or practices
Voorbeelden
He tolerates cultural practices he doesn’t personally follow.
Hij tolerert culturele praktijken die hij persoonlijk niet volgt.
Lexicale Boom
toleration
tolerate
toler



























