Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to succor
01
bijstaan, ondersteunen
to provide support or help to someone in a difficult or challenging situation
Transitive: to succor sb
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
succor
3e persoon enkelvoud
succors
onvoltooid deelwoord
succoring
onvoltooid verleden tijd
succored
voltooid deelwoord
succored
Voorbeelden
In times of adversity, a kind word can succor someone emotionally.
In tijden van tegenspoed kan een vriendelijk woord iemand emotioneel helpen.
Succor
01
hulp, bijstand
help that someone gives to another in difficult situations
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
enkelvoudig
ontelbaar
meervoudsvorm
succors
Voorbeelden
She sought succor from her friends after losing her job.
Ze zocht hulp bij haar vrienden nadat ze haar baan was kwijtgeraakt.
Lexicale Boom
succorer
succor



























