Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
01
speer, harpoen
a weapon with a long handle and a metal pointed tip, used for fighting and fishing in the past
Voorbeelden
He crafted a spear from a sturdy tree branch and a sharpened stone for the tip.
Hij maakte een speer van een stevige tak en een scherpe steen voor de punt.
02
speer, lans
a long, narrow, pointed form resembling a spearhead, often used to describe certain plants or objects
Voorbeelden
She arranged flowers in the vase with tall spears in the center.
Ze schikte bloemen in de vaas met hoge speren in het midden.
03
speer, harpoen
a tool used in fishing to thrust or throw at fish underwater to catch them, typically consisting of a sharp point attached to a long handle
Voorbeelden
She used a Hawaiian sling spear for spearfishing in shallow coastal waters.
Ze gebruikte een Hawaiiaanse werpspies voor het speervissen in ondiepe kustwateren.
to spear
01
doorboren, spiesen
to pierce or wound something using a spear
Voorbeelden
The gladiator speared his opponent in the arena.
De gladiator spiesde zijn tegenstander in de arena.
02
opstijgen, opschieten
to rise, project, or thrust upward sharply like a spear
Voorbeelden
Sunlight speared the mist over the mountains.
Het zonlicht doorboorde de mist boven de bergen.



























