to ring up
Pronunciation
/ɹˈɪŋ ˈʌp/

Definitie en betekenis van "ring up"in het Engels

to ring up
01

registreren, afrekenen aan de kassa

to perform and record a sale on a cash register
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
up
basiswerkwoord
ring
tegenwoordige tijd
ring up
3e persoon enkelvoud
rings up
onvoltooid deelwoord
ringing up
onvoltooid verleden tijd
rang up
voltooid deelwoord
rung up
02

opbellen, telefoneren

to make a phone call to someone
Dialectbritish flagBritish
Voorbeelden
He rang up his friend to share the news.
Hij belde zijn vriend op om het nieuws te delen.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store