Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
01
uitslag, roodheid
a part of one's skin covered with red spots, which is usually caused by a sickness or an allergic reaction
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
rashes
Voorbeelden
A rash is a change in the skin's appearance, often characterized by redness, bumps, or blisters.
Een uitslag is een verandering in het uiterlijk van de huid, vaak gekenmerkt door roodheid, bultjes of blaren.
02
serie, golf
a sudden series of unpleasant, troublesome, or undesired events occurring close together in time
Voorbeelden
The city experienced a rash of burglaries last month.
De stad ervoer een reeks inbraken vorige maand.
01
onbezonnen, overhaast
(of a person) tending to do things without carefully thinking about the possible outcomes
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
rashest
vergrotende trap
rasher
gradueerbaar
Voorbeelden
Being rash in negotiations often leads to unfavorable outcomes that could have been avoided with careful consideration.
Onbezonnen zijn in onderhandelingen leidt vaak tot ongunstige uitkomsten die met zorgvuldig overleg hadden kunnen worden voorkomen.
1.1
overhaast, onbezonnen
done without carefully considering what might happen
Voorbeelden
He made a rash decision to quit his job without having another one lined up.
Hij nam een overhaaste beslissing om zijn baan op te zeggen zonder een andere op de planning te hebben.



























