to purport
pur
port
ˈpɔ:t
pawt

Definitie en betekenis van "purport"in het Engels

to purport
01

beweren, pretenderen

to claim or suggest something, often falsely or without proof 
Transitive: to purport to do sth
to purport definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
purport
3e persoon enkelvoud
purports
onvoltooid deelwoord
purporting
onvoltooid verleden tijd
purported
voltooid deelwoord
purported
Voorbeelden
He purports to be an expert in finance, but he has no qualifications in the field. 

Hij beweert een expert in financiën te zijn, maar heeft geen kwalificaties op dat gebied.

02

pretenderen, de bedoeling hebben

to have the intention or purpose of doing something 
Transitive: to purport to do sth
Voorbeelden
The company's new policy purports to reduce its carbon footprint. 

Het nieuwe beleid van het bedrijf beweert zijn ecologische voetafdruk te verminderen.

01

de betekenis, de bedoeling

the meaning, intention, or general sense of something 
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
enkelvoudig
ontelbaar
meervoudsvorm
purports
Voorbeelden
The purport of her remarks was a call for reconciliation. 

De strekking van haar opmerkingen was een oproep tot verzoening.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store