Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to press out
01
uitpersen, uitdrukken
to extract or remove a substance through pressure
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
out
basiswerkwoord
press
tegenwoordige tijd
press out
3e persoon enkelvoud
presses out
onvoltooid deelwoord
pressing out
onvoltooid verleden tijd
pressed out
voltooid deelwoord
pressed out
Voorbeelden
She pressed the juice out of the orange.
Ze perste het sap uit de sinaasappel.
02
uitdrukken, doven door te drukken
to put out or remove something by applying pressure
Voorbeelden
Using her thumb and forefinger, she quickly pressed out the small flame.
Met haar duim en wijsvinger deed ze snel de kleine vlam uit.
03
uitpersen, vormgeven door druk uit te oefenen
to shape or form something by applying pressure
Voorbeelden
Using a mold, she pressed out a series of star-shaped cookies.
Met behulp van een mal perste ze een reeks stervormige koekjes uit.



























