to populate
Pronunciation
/ˈpɑpjəˌɫeɪt/

Definitie en betekenis van "populate"in het Engels

to populate
01

bevolken, bewonen

(of individuals or communities) to be present in a particular area
Transitive: to populate an area
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
populate
3e persoon enkelvoud
populates
onvoltooid deelwoord
populating
onvoltooid verleden tijd
populated
voltooid deelwoord
populated
Voorbeelden
Over the centuries, settlers and pioneers gradually populated the vast plains.
Door de eeuwen heen hebben kolonisten en pioniers geleidelijk de uitgestrekte vlaktes bevolkt.
02

bevolken, koloniseren

to facilitate the settlement of people in a particular area
Transitive: to populate an area
Voorbeelden
The colonization project sought to populate the uninhabited island.
Het kolonisatieproject had tot doel het onbewoonde eiland te bevolken.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store