make off
make
meɪk
meik
off
ɔf
awf
/mˌeɪk ˈɒf/

Definitie en betekenis van "make off"in het Engels

to make off
[phrase form: make]
01

er vandoor gaan, vluchten

to leave quickly, often in order to escape or avoid someone or something
Intransitive
to make off definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
bewegingswerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
off
basiswerkwoord
make
tegenwoordige tijd
make off
3e persoon enkelvoud
makes off
onvoltooid deelwoord
making off
onvoltooid verleden tijd
made off
voltooid deelwoord
made off
Voorbeelden
The robbers made off with all the cash.
De rovers maakten zich uit de voeten met al het geld.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store