ashamed
a
ə
ē
shamed
ˈʃeɪmd
sheimd
/əˈʃeɪmd/

Definitie en betekenis van "ashamed"in het Engels

01

beschaamd, geneerd

feeling embarrassed or sorry about one's actions, characteristics, or circumstances
ashamed definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
voltooid-deelwoordelijk bijvoeglijk naamwoord
kwalitatief
overtreffende trap
most ashamed
vergrotende trap
more ashamed
gradueerbaar
Voorbeelden
They felt ashamed of their ignorance, realizing they had unintentionally hurt someone's feelings.
Ze voelden zich beschaamd over hun onwetendheid, beseffend dat ze onbedoeld iemands gevoelens hadden gekwetst.
02

beschaamd, geneerd

having a feeling of embarrassment that makes someone unwilling to face others or admit something
Voorbeelden
I 'm ashamed to show my report card to my parents.
Ik schaam me om mijn rapport aan mijn ouders te laten zien.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store