journey
jour
ˈʤɜr
jēr
ney
ni
ni
British pronunciation
/ˈʤɜːni/

Definitie en betekenis van "journey"in het Engels

01

reis, tocht

the act of travelling between two or more places, especially when there is a long distance between them
Wiki
journey definition and meaning
example
Voorbeelden
She documented her solo journey through Europe in a travel journal, capturing memories and experiences along the way.
Ze documenteerde haar soloreis door Europa in een reisdagboek, waarbij ze onderweg herinneringen en ervaringen vastlegde.
02

reis, tocht

a process of change or development that happens over time
example
Voorbeelden
He described his emotional journey through the difficult years.
Hij beschreef zijn emotionele reis door de moeilijke jaren.
to journey
01

reizen

to travel or go on a trip
Intransitive: to journey somewhere
to journey definition and meaning
example
Voorbeelden
The couple chose to journey across Europe.
Het paar koos ervoor om door Europa te reizen.
02

reizen, doorkruisen

to make a trip across a specific area or along a particular route.
Transitive: to journey an area
example
Voorbeelden
The explorer 's goal was to journey the treacherous mountain range.
Het doel van de ontdekkingsreiziger was om het gevaarlijke gebergte te doorkruisen.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

stars

app store