Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
geballt
01
gebalt, samentrekkend
Zusammengedrückt oder fest geschlossen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
voltooid-deelwoordelijk bijvoeglijk naamwoord
kwalitatief
overtreffende trap
am geballtesten
vergrotende trap
geballter
gradueerbaar
verbuigbaar
Voorbeelden
Sie lief mit geballten Fäusten auf ihn zu.
Ze liep naar hem toe met geballe vuisten.



























