Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
überraschen
01
verrassen, verbazen
Jemanden unerwartet mit etwas Konkretem oder einer Nachricht konfrontieren
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
über
basiswerkwoord
raschen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
überrasche
3e persoon enkelvoud
überrascht
onvoltooid deelwoord
überraschend
onvoltooid verleden tijd
überraschte
voltooid deelwoord
überrascht
Voorbeelden
Wir wollen Mama zum Geburtstag überraschen.
We willen mama verrassen op haar verjaardag.



























