der zimmerschlüssel
zimmerschlüssel
tsɪmɐʃlʏsəl
tsimshlusēl

Definitie en betekenis van "zimmerschlüssel"in het Duits

Der Zimmerschlüssel
01

kamersleutel, sleutel van de kamer

Ein Schlüssel, mit dem man die Tür zu einem Zimmer öffnen kann 
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
singular
not gender specific
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
Zimmerschlüssel
genitiefvorm
Zimmerschlüssels
Voorbeelden
Ich habe den Zimmerschlüssel verloren. 

Ik heb de kamersleutel verloren.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store