der winter
winter
vɪntɐ
vint
winzer

Definitie en betekenis van "winter"in het Duits

01

winter, winterseizoen

Die kalte Jahreszeit zwischen Herbst und Frühling 
der Winter definition and meaning
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
singular
not gender specific
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
Winter
genitiefvorm
Winters
Voorbeelden
Im Winter schneit es oft. 

In de winter sneeuwt het vaak.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store