Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
wie
01
hoe, op welke manier
Fragt nach Art und Weise
grammaticale informatie
niet vergelijkbaar
Voorbeelden
Wie geht es dir?
Hoe gaat het met je?
02
als, zoals
Beschreibt eine Art oder Kondition
Voorbeelden
Ich weiß, wie man das macht.
Ik weet hoe het te doen.
wie
01
zoals
Vergleich zwischen zwei Dingen
Voorbeelden
Sie läuft wie ein Gazelle.
Ze rent als een gazelle.
02
en
Verbindet ähnliche Elemente
Voorbeelden
Das Haus ist außen wie innen renoviert.
Het huis is zowel buiten als binnen gerenoveerd.



























