Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
01
wie
Ein Fragepronomen für Personen
Voorbeelden
Wer ist das?
Wie is dat?
02
wie, wie dan ook
Ein Relativpronomen, das eine Person beschreibt
Voorbeelden
Wer Hunger hat, soll essen.
Wie honger heeft, moet eten.



























