Zoeken
warten
01
wachten, afwachten
Zeit verbringen, bis etwas passiert oder jemand kommt
Voorbeelden
Er wartet auf Mama.
Hij wacht op mama.
02
repareren, onderhouden
Eine Maschine reparieren oder kontrollieren
Voorbeelden
Wann wartest du die Maschine?
Wanneer onderhoud je de machine?


























