vorlesen
Pronunciation
/ˈfoːɐ̯ˌleːzn̩/

Definitie en betekenis van "vorlesen"in het Duits

vorlesen
01

hardop lezen, voorlezen

Einen Text laut für andere sprechen
vorlesen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
sterk
scheidbaar
partikel
vor
basiswerkwoord
lesen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
lese vor
3e persoon enkelvoud
liest vor
onvoltooid deelwoord
vorlesend
onvoltooid verleden tijd
las vor
voltooid deelwoord
vorgelesen
Voorbeelden
Kannst du mir den Brief vorlesen?
Kun je de brief voorlezen aan mij?
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store