vorbei
vorbei
fo:ɐ̯baɪ̯
fobai

Definitie en betekenis van "vorbei"in het Duits

vorbei
01

voorbij, afgelopen

Nicht mehr da oder zu Ende 
vorbei definition and meaning
grammaticale informatie
niet vergelijkbaar
Voorbeelden
Die Ferien sind vorbei. 

De vakantie is voorbij.

02

voorbij, verleden

An etwas entlang oder daran vorbei bewegen 
vorbei definition and meaning
Voorbeelden
Er ist an mir vorbeigegangen. 

Hij liep langs mij.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store