Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Das Vermögen
[gender: neuter]
01
bezittingen, vermogen
Die Gesamtheit aller geldwerten Besitztümer einer Person oder Organisation
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
onzijdig
genitiefvorm
Vermögens
meervoudsvorm
Vermögen
Voorbeelden
Steuern auf Vermögen sind umstritten.
Belastingen op vermogen zijn omstreden.
vermögen
01
kunnen, in staat zijn om
Die Fähigkeit oder Möglichkeit haben, etwas zu tun
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
toestandswerkwoord
sterk
onscheidbaar
partikel
ver
basiswerkwoord
mögen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
vermag
3e persoon enkelvoud
vermag
onvoltooid deelwoord
vermögend
onvoltooid verleden tijd
vermochte
voltooid deelwoord
vermocht
Voorbeelden
Die Technik vermag Wunder zu bewirken.
Technologie kan wonderen verrichten.



























