Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Die Vergangenheit
[gender: feminine]
01
verleden, voorbije tijd
Die Zeit, die bereits vorbei ist
Voorbeelden
Er spricht nicht gern über seine Vergangenheit.
Hij praat niet graag over zijn verleden.
Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
verleden, voorbije tijd