Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
vereinen
[past form: vereinte]
01
verenigen, samenbrengen
Mehrere Dinge oder Personen zu einer Einheit zusammenbringen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
vereine
3e persoon enkelvoud
vereint
onvoltooid deelwoord
vereinend
onvoltooid verleden tijd
vereinte
voltooid deelwoord
vereint
Voorbeelden
Die Partei versucht, verschiedene Interessen zu vereinen.
De partij probeert verschillende belangen te verenigen.



























