verabschieden
verabschieden
fɛɐ̯ʔapʃi:dən
feapshidēn
verschieden

Definitie en betekenis van "verabschieden"in het Duits

verabschieden
01

afscheid nemen, tot ziens zeggen

Auf Wiedersehen sagen 
verabschieden definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
ver
basiswerkwoord
abschieden
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
verabschiede
3e persoon enkelvoud
verabschiedet
onvoltooid deelwoord
verabschiedend
onvoltooid verleden tijd
verabschiedete
voltooid deelwoord
verabschiedet
Voorbeelden
Wir verabschieden uns am Bahnhof. 

We nemen afscheid op het treinstation.

02

uitzwaaien, begeleiden bij het vertrek

Jemanden zum Abschied begleiten 
verabschieden definition and meaning
Voorbeelden
Wir verabschieden unsere Gäste an der Tür. 

We begeleiden onze gasten naar de deur.

03

goedkeuren, aannemen

Ein Gesetz oder einen Plan offiziell annehmen oder zustimmen 
verabschieden definition and meaning
Voorbeelden
Das Parlament hat das neue Gesetz verabschiedet. 

Het parlement heeft de nieuwe wet aangenomen.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store