verabreichen
Pronunciation
/fɛɐ̯ˈʔapˌʀaɪ̯çn̩/

Definitie en betekenis van "verabreichen"in het Duits

verabreichen
01

toedienen, geven

Jemandem etwas gezielt geben oder zuführen
verabreichen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
verabreiche
3e persoon enkelvoud
verabreicht
onvoltooid deelwoord
verabreichend
onvoltooid verleden tijd
verabreichte
voltooid deelwoord
verabreicht
Voorbeelden
Der Arzt verabreichte die Grippeimpfung.
De arts verstrekte de griepprik.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store