sanieren
Pronunciation
/zaˈniːʀən/

Definitie en betekenis van "sanieren"in het Duits

sanieren
[past form: sanierte]
01

renoveren, opknappen

Ein Gebäude oder eine Infrastruktur reparieren und modernisieren
sanieren definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
saniere
3e persoon enkelvoud
saniert
onvoltooid deelwoord
sanierend
onvoltooid verleden tijd
sanierte
voltooid deelwoord
saniert
Voorbeelden
Wir haben unsere Wohnung komplett saniert.
We hebben ons appartement volledig gerenoveerd.
02

herstructureren, saneren

Ein Unternehmen oder Haushalt finanziell stabilisieren
sanieren definition and meaning
Voorbeelden
Die Firma wurde durch Schuldenschnitt saniert.
Het bedrijf werd gesaneerd door schuldverlichting.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store