Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Die Reihe
01
rij, lijn
Dinge oder Personen stehen nebeneinander oder hintereinander
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
vrouwelijk
genitiefvorm
Reihe
meervoudsvorm
Reihen
Voorbeelden
Wir saßen in der ersten Reihe.
We zaten in de eerste rij.
02
beurt, ronde
Feste Abfolge, bei der jeder einmal drankommt
Voorbeelden
Jetzt ist meine Reihe.
Nu is het mijn beurt.



























