Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Die Mehrheit
01
meerderheid, merendeel
Der größere Teil einer Gruppe oder Menge, meist mehr als die Hälfte
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
vrouwelijk
genitiefvorm
Mehrheit
meervoudsvorm
Mehrheiten
Voorbeelden
Die Mehrheit der Bürger stimmte für die neue Politik.
De meerderheid van de burgers stemde voor het nieuwe beleid.



























