kreisen
kreisen
kʁaɪ̯sn
kraisn

Definitie en betekenis van "kreisen"in het Duits

kreisen
01

cirkelen, ronddraaien

Sich wiederholt im Kreis bewegen 
kreisen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
bewegingswerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
sein
1e persoon enkelvoud
kreise
3e persoon enkelvoud
kreist
onvoltooid deelwoord
kreisend
onvoltooid verleden tijd
kreiste
voltooid deelwoord
gekreist
Voorbeelden
Der Vogel kreist über dem See. 

De vogel cirkelt boven het meer.

02

sich in kreisförmiger Bewegung irgendwohin bewegen 

kreisen definition and meaning
Voorbeelden
Die Schneeflocken kreisten langsam zu Boden. 
03

(Turnen) mit geschlossenen und gestreckten Beinen kreisförmige Schwünge ausführen 

Voorbeelden
Der Turner kreist mit geschlossenen und gestreckten Beinen auf dem Boden. 
04

mit einem Körperteil kreisförmige Bewegungen machen 

Voorbeelden
Kreise langsam mit den Armen nach hinten. 
05

(Gymnastik)  einen Körperteil kreisförmig bewegen 

Voorbeelden
Kreise die Arme langsam nach vorn. 
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store