kratzen
Pronunciation
/ˈkʀat͡sn̩/

Definitie en betekenis van "kratzen"in het Duits

kratzen
[past form: kratzt]
01

krabben, krassen

Mit etwas Spitzem oder Hartem über eine Oberfläche fahren und dabei Schaden oder unangenehme Empfindungen verursachen
kratzen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
kratze
3e persoon enkelvoud
kratzt
onvoltooid deelwoord
kratzend
onvoltooid verleden tijd
kratzt
voltooid deelwoord
gekratzt
Voorbeelden
Das Etikett lässt sich leicht abkratzen.
Het etiket kan gemakkelijk worden afgekrabd.
02

krabben, wrijven

Mit Fingern, Nägeln oder durch Kontakt mit einem Gegenstand eine Reibung auf der eigenen Haut verursachen
kratzen definition and meaning
Voorbeelden
Vorsicht! Du könntest dich am Stacheldraht kratzen.
Voorzichtig! Je zou je kunnen krabben aan het prikkeldraad.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store