Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
klettern
01
klimmen, beklimmen
Sich mit Händen und Füßen an etwas hochbewegen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
bewegingswerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
sein
1e persoon enkelvoud
klettere
3e persoon enkelvoud
klettert
onvoltooid deelwoord
kletternd
onvoltooid verleden tijd
kletterte
voltooid deelwoord
geklettert
Voorbeelden
Vorsicht! Nicht auf das Dach klettern!
Pas op! Klim niet op het dak!



























