Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
handeln
01
handelen, zich gedragen
Verhalten zeigen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
handele
3e persoon enkelvoud
handelt
onvoltooid deelwoord
handelnd
onvoltooid verleden tijd
handelte
voltooid deelwoord
gehandelt
Voorbeelden
Man sollte gut und fair handeln.
Men zou goed en eerlijk moeten handelen.
02
handelen, handel drijven
Waren kaufen und verkaufen
Voorbeelden
Wir handeln mit verschiedenen Produkten.
We handelen met verschillende producten.
03
verkopen
Etwas zum Verkauf anbieten oder verkaufen
Voorbeelden
Die Firma handelt mit Autos.
Het bedrijf verkoopt auto's.
04
gaan over
Beschreibt den Kern einer Sache
Voorbeelden
Hier handelt es sich um eine rechtliche Frage.
Hier gaat het om een juridische kwestie.
05
gaan over
Zeigt das Thema von etwas an
Voorbeelden
Der Artikel handelt von neuen Technologien.
Het artikel gaat over nieuwe technologieën.



























