Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
fertig
01
klaar, afgerond
Beendet oder abgeschlossen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
am fertigsten
vergrotende trap
fertiger
gradueerbaar
verbuigbaar
Voorbeelden
Meine Hausaufgaben sind fertig.
Mijn huiswerk is klaar.
02
klaar, afgerond
Bereit für etwas
Voorbeelden
Das Abendessen ist fertig!
Het avondeten is klaar !
03
uitgeput, afgemat
Sehr müde
Voorbeelden
Nach dem Sport bin ich total fertig.
Na het sporten ben ik helemaal uitgeput.



























