erfreuen
erfreuen
ɛɐ̯fʁɔɪən
efroyen
erfragen

Definitie en betekenis van "erfreuen"in het Duits

erfreuen
01

verheugen, verblijden

Jemanden glücklich machen 
erfreuen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
erfreue
3e persoon enkelvoud
erfreut
onvoltooid deelwoord
erfreuend
onvoltooid verleden tijd
erfreute
voltooid deelwoord
erfreut
Voorbeelden
Sein Geschenk wird sie sicherlich erfreuen. 

Zijn cadeau zal haar zeker verheugen.

02

zich verheugen, genieten

Sich über etwas freuen 
erfreuen definition and meaning
Voorbeelden
Ich erfreue mich an der schönen Landschaft. 

Ik geniet van het mooie landschap.

03

genieten, zich verheugen

Etwas Besitzen oder genießen 
erfreuen definition and meaning
Voorbeelden
Das Produkt erfreut sich großer Beliebtheit. 

Het product geniet grote populariteit.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store