Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
bremsen
01
remmen, vaart minderen
Geschwindigkeit verringern oder anhalten durch Bremsen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
sterk
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
bremse
3e persoon enkelvoud
bremst
onvoltooid deelwoord
bremsend
onvoltooid verleden tijd
bremste
voltooid deelwoord
gebremst
Voorbeelden
Die Bahn bremst langsam.
De trein remt langzaam.



























