blicken
blicken
blɪkng
blikng
bleckenblinken

Definitie en betekenis van "blicken"in het Duits

blicken
01

kijken, observeren

Seine Augen in eine bestimmte Richtung bewegen, um etwas zu sehen 
blicken definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
blicke
3e persoon enkelvoud
blickt
onvoltooid deelwoord
blickend
onvoltooid verleden tijd
blickte
voltooid deelwoord
geblickt
Voorbeelden
Er blickte aus dem Fenster. 

Hij keek uit het raam.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store