beschäftigen
Pronunciation
/ˌbəˈʃɛftɪɡən/

Definitie en betekenis van "beschäftigen"in het Duits

beschäftigen
[past form: beschäftigte]
01

in dienst nemen, bezig houden

Jemandem regelmäßig Arbeit oder eine sinnvolle Aufgabe geben
beschäftigen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
beschäftige
3e persoon enkelvoud
beschäftigt
onvoltooid deelwoord
beschäftigend
onvoltooid verleden tijd
beschäftigte
voltooid deelwoord
beschäftigt
Voorbeelden
Wir beschäftigen viele junge Leute bei uns im Büro.
Wij werken veel jonge mensen in ons kantoor.
02

bezig houden, zich bezighouden

Etwas tun oder sich intensiv mit etwas befassen
beschäftigen definition and meaning
Voorbeelden
Er beschäftigt sich oft mit seinen Pflanzen.
Hij houdt zich vaak bezig met zijn planten.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store