beschuldigen
besch
ˈbəʃ
bēsh
ul
ʊl
ool
digen
dɪgn
dign
beschädigen

Definitie en betekenis van "beschuldigen"in het Duits

beschuldigen
01

beschuldigen, aanklagen

Jemanden für etwas verantwortlich machen oder anklagen 
beschuldigen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
beschuldige
3e persoon enkelvoud
beschuldigt
onvoltooid deelwoord
beschuldigend
onvoltooid verleden tijd
beschuldigte
voltooid deelwoord
beschuldigt
Voorbeelden
Er beschuldigte seinen Bruder des Diebstahls. 

Hij beschuldigde zijn broer van diefstal.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store