Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
berechnen
01
berekenen, bepalen
Etwas mit Zahlen oder Formeln bestimmen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
be
basiswerkwoord
rechnen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
berechne
3e persoon enkelvoud
berechnet
onvoltooid deelwoord
berechnend
onvoltooid verleden tijd
berechnete
voltooid deelwoord
berechnet
Voorbeelden
Wir müssen die Fläche des Raums berechnen.
We moeten de oppervlakte van de kamer berekenen.



























